Testonderdelen: B2

De Interuniversitaire Taaltest Nederlands voor Anderstaligen (ITNA) start met een computertest.
Als u op dit eerste onderdeel voldoende scoort, neemt u deel aan een spreekexamen. Wie onvoldoende haalt op de computertest, mag niet deelnemen aan het mondelinge deel en kan uiteraard ook geen ITNA-B2-certificaat behalen.
Het examencentrum waar de test werd afgelegd, meldt het eindresultaat van de ITNA-B2-test aan de kandidaten.

Kandidaten die minimaal ‘goed’ scoren op elk onderdeel en ‘zeer goed’ in het totaal, worden uitgenodigd om op een later tijdstip deel te nemen aan een extra schrijfopdracht op C1-niveau. Zij kunnen zo, indien gewenst, een C1-certificaat behalen.

 

De computertest bestaat uit drie componenten: ‘taal in gebruik, ‘lezen’ en ‘luisteren’ met verschillende soorten vragen:

Een gedetailleerd overzicht vindt u op het instructieblad van de computertest.

 

Het mondelinge deel bestaat uit twee onderdelen: een presentatie en een argumentatie.